
Word DonateurVoor minimaal € 20,- per jaar krijgt u 20% korting op onze uitgaven en ontvangt u jaarlijks zes keer het tijdschrift MijnStadMijnDorp. Historisch Tijdschrift Overijssel. Vul hier het formulier in! Vrijwilliger worden?Wilt u vrijwilliger worden bij de IJsselacademie? Klik hier voor meer informatie. ContactU kunt ons door middel van het reactieformulier een bericht sturen. Rechtstreeks mailen met Medewerkers kan natuurlijk ook. Stichting IJsselacademieMolenstraat 28a 8261 JW Kampen Postadres Postbus 244 8260 AE Kampen t 038 331 52 35 f 038 333 42 04 e info@ijsselacademie.nl i www.ijsselacademie.nl |
SchrieversOp deze pagina's brachten we schrijvers bijeen die in persoon en werk van belang zijn voor de Nedersaksische taal en zijn varianten.
Jannie Bakker
Jannie Bakker werd in 1953 in Genemuiden geboren en is ook in deze plaats opgegroeid. Het 'Gællemuniger's' is dan ook haar moedertaal: de taal die ze dagelijks spreekt en waar ze in schrijft. Na de middelbare school heeft Jannie Nederlands gestudeerd aan de Rijks Universiteit in Groningen en is zij enkele jaren in het onderwijs werkzaam geweest. Toen dat niet meer met haar gezin te combineren was is ze overgeschakeld op administratieve functies, maar de taal (en in het bijzonder de streektaal) heeft altijd haar belangstelling gehouden. Jannie schrijft vanaf begin jaren '70 zowel verhalen als gedichten en columns. In diverse uitgaven van de IJsselacademie zijn bijdragen van haar opgenomen en in 2004 verscheen (eveneens bij de IJsselacademie) haar dichtbundel Meer geliek as eigen. Jannie is verder actief in de Gællemuniger Taelkrink en binnen de SkrieversBond Overiessel en schreef een tijdlang dialectcolumns voor de Stentor. Jannie is enkele keren per jaar beschikbaar voor boekingen. Gerard Rutger Buisman
Gerard Rutger Buisman (1952 Steenwijk) noemt zichzelf het liefst een troubadour, Troubadour van Steenwijkerland. In die hoedanigheid trekt hij nu al weer een aantal jaren samen met Wilma Dijksma en Stef Eijkelenkamp langs stad en streek om zijn 'varsies' en 'vertellechies' aan een ieder die het maar horen wil voor te schotelen. Zijn rijke muzikale verleden in diverse groepen en op vele podia stelt hem in staat met eenvoudige begeleiding in diverse stijlen te componeren en te musiceren, waarbij hij hoofdzakelijk ook zijn eigen teksten schrijft. Steenwijk, zijn geliefde geboorteplaats, en Steenwijkerland spelen daarbij een belangrijke en bepalende rol. Gerard was dertig jaar actief in het onderwijs, de langste tijd op de RSG te Steenwijk, en doceerde verschillende vakken. Hij studeerde aan het Stedelijk Conservatorium in Zwolle, produceert en presenteert diverse programma's voor de lokale omroep en RTV-Oost en is promotor van het gebruik van de streektaal, wat blijkt uit zijn teksten en verhalen, een radioprogramma en het door hem opgerichte streektaalblad Hei-j 't wel 'elezen? Gerard bracht tot nu toe 7 cd-albums uit en een vierdelige dvd-serie onder de titel Steenwijkerland bezongen en bekeken door... Van hem verscheen in maart 2005 zijn eerste bundel met 'vertellechies'" onder de titel Troubadour. Arie Hofstede
Arie Hofstede is geboren en getogen in Heerde. Hij is zijn werkzame leven begonnen als onderwijzer en werd later hoofd-der-school in Maarsbergen en Bathmen. Inmiddels geniet hij van VUT en pensioen en is hij naar eigen zeggen "nog drukker dan vrogger". Hij spreekt en schrijft in het Oost-Veluws dialect, vermengd met wat Sallands. Arie Hofstede schrijft korte verhalen, meestal met een humoristische inslag, en leest deze graag voor. Er zijn verschillende verhalen van hem opgenomen in bundels die onder andere zijn uitgegeven door de IJsselacademie. Op verzoek houdt Hofstede inleidingen over de Nedersaksische taal, die hij kan uitbreiden tot een avondvullend programma. Gerrit Willem Kuijk
Gerrit Willem Kuijk (1927) schreef aanvankelijk in het Nederlands. Van zijn hand verschenen onder meer de 12-delige taalmethode voor het lager onderwijs Taal op nieuwe lees, (1958, geschreven Albert Meuleman) en Fundamentaal I & II, (1965, bestemd voor de Samenwerkende Opleidingsschool voor Kleuterleidsters te Apeldoorn). Daarna publiceerde Kuijk vooral in het Nedersaksisch, meer specifiek in het Dèventers. Een Dèventer jonge in oorlogstied (Praamstra, 1990) won de tweede prijs in een schrijfwedstrijd die de IJsselacademie organiseerde in samenwerking met de Dialektkringe Salland en Oost-Veluwe (uitverkocht). 'Dissen en gunnen' is een verhaal dat de IJsselacademie bekroonde met een gedeelde eerste prijs bij de schrijfwedstrijd in 1991 en dat gepubliceerd werd in De vliegende slonde. Hierin stond ook een sonnettenkrans, 'De bevriejde hekse of de behekste fee'. Andere titels zijn 'Thuus', het titelverhaal van de gelijknamige bundel, uitgegeven ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van de afdeling Overijssel van de Vereniging van Nederlandse gemeenten, en 'Dee hier laeven meugt', dat ook in de bundel Thuus werd gepubliceerd. Het eerste verhaal deed mee voor Deventer, het tweede voor Diepenveen. Van februari 1994 tot november 2001 was de schrijver als columnist werkzaam voor het Deventer Dagblad. Iedere week verscheen er een artikel van zijn hand over de geschiedenis van het Nedersaksisch, in het Nederlands onder de titel 'Vertaald'. Deze stukjes (400) zijn ook in het bezit van de IJsselacademie. In 2007 verscheen het eerste exemplaar van Een Dèventer jonge in Volkssanatorium Hellendoorn. Willem Kuijk bezorgde het zelf en levert on demand. Voor Een Dèventer jonge uut de ravenstroate, dat in 2008 zal verschijnen, kunnen liefhebbers vooraf inschrijven (abartelds@ijsselacademie.nl). Kuijk beschikt nog over onuitgegeven werk, in het Nederlands: Het koninkrijk Konkelefoes, 1970; Vibrioon of elf in een dozijn, 1980; Pionnnen onder de preekstoel, 1982. Het laatste werkje is een humoristisch relaas over de staat, de arbeidsverhoudingen en de recreatie. De auteur hoopt dit nog te kunnen uitgeven. FotoFoto bij een interview in de herfst van 2002 (Deventer Dagblad)
Bijschrift: Wim Lubberding
Wim Lubberding (1931) was ongeveer 30 jaar personeelschef bij Energiebedrijf Essent te Zwolle. Voor zijn literaire activiteiten putte hij veel inspiratie uit wat in het werk om hem heen gebeurde en uit familiesituaties. Lubberding was jurylid bij schrijfwedstrijden en publiceerde ook zelf, onder meer in een aantal verhalenbundels van de IJsselacademie en in het dialecttijdschrift De Moespot. Verder schreef hij de bundel Weerzeen, een novelle De Werklust en Het Rode Dorp, met tekst en foto's over de stadswijk in Deventer, waar hij werd geboren (in standaard Nederlands). Lubberding publiceert in het dialect van Deventer. Regelmatig leest hij voor uit eigen werk; hij beschikt over een repertoire van ongeveer 150 verhalen, 150 versjes en gedichten, ludiek zowel als serieus, en 180 limericks. Corry Overmars
Corry Overmars is in januari 1942 in Zuilen geboren, een voor- of achterstadje van Utrecht. Het bestaat niet meer, het is aan Utrecht vastgegroeid. Al heel wat jaren is Corry Overmars lid van de Skriéverskring uit de kop van Overijssel. Ze schrijft poëzie en proza, bedenkt gezegdes en spreuken, puur voor het plezier. Veel zeggen met weinig woorden, dat is wat haar het meest trekt. Overmars schreef een poosje columns geschreven voor een streekkrant. Ze won diverse prijzen voor haar publicaties in krant of tijdschrift en is één van de auteurs van de uitgave Grenzen van de IJsselacademie (2001). Verder werkt al vele jaren mee aan het G(rens)O(verschrijdende)S(treektalen)-project van de IJsselacademie. Corry werkte samen met vier andere mensen aan het Hasselter Dialectwoordenboek, dat in november 2008 uitkwam. Soms verzorgt ze een deel van een gezellige avond of middag; in haar buurt weten ze haar voor een dergelijke invulling zeker te vinden. Gerrit Pleiter
Gerrit Pleiterwerd geboren in Kampen. Na zijn studie Nederlands in Amsterdam en Utrecht werd hij docent aan het Stedelijk Gymnasium in Amersfoort. Pleiter schreef voor de radio luisterspelen, uitgegeven in Spelen tegen de oorlog en Vier Hoorspelen en Verbosonische composities, uitgegeven door Donemus. Veel van zijn hoorspelen zijn in het buitenland uitgezonden, zoals in Vlaanderen, Duitsland (WDR), Ierland en Israel. Ineke Bulte heeft een doctoraalscriptie aan zijn radiowerk gewijd. T.V-spelen zijn Bonhoeffer (ook in Duitsland vertoond), Kinderen van het Oude Volk (een studie over het lot van joodse kinderen na '45), Kay Munck (met artikelen in Dimensie) en Jan de Liefde (over filantropie in de 19e eeuw). Bij het Instituut voor Theaterwetenschap is een studie geschreven door Ellen Walraven e.a. met als titel Gerrit Pleiter de kritische observator van het christendom. Na zijn pensionering en terug in zijn 'land van herkomst' schrijft Gerrit Pleiter weer gedichten in de streektaal en in het Nederlands. Hij werkt mee aan het Gelders literaire tijdschrift poeziepuntgl en het internettijdschrift Meander. In 2006 won hij in Oosterbeek bij het poeziefestival met Litanie van het geschonden land de eerste prijs. In 2007 werd door de Oaveriesselse Skrieversbond SKOKLAND uitgeroepen tot beste gedicht. Eigen bundels:uus van water en wind. gedichten uut het land van de iessel (IJsselacademie, 2002) Frouk Alice Weijs
Frouk Alice Weijs is geboren (1964), getogen en woonachtig in St. Jansklooster (Noordwest-Overijssel) en in het kostbare bezit van een lieve man, drie zonen en een dochter. Inmiddels is er werk van haar gepubliceerd in o.a.:
Haar volgende boekje getiteld Löslaoten (vervolg op Meinsen Kienders en Spetter) wordt binnenkort door de IJsselacademie uitgegeven. Contact/boeken voor een optreden: fakroek@hetnet.nl / 06 - 271 249 02 Femmy Woltman-Groen
Werd geboren op 29 april 1935 in Giethoorn, de plaats waar zij nog altijd woont. Zij begon te schrijven in het Nederlands, eerst alleen voor (familie-)feesten, bijvoorbeeld een levensbeschrijving in dichtvorm, maar kort daarna ook voor verenigingen: sketches, liedteksten en gedichten. In 1995 maakte ze het jubileumboek 75 jaar korfbal. In 2005 verscheen de bundel Uster de Fluster, met een verzameling van gezegden en andere gekkigheden. Het is een uitgave van de Gieterse dialectgroep, die Femmy in 2000 in 't leven riep. Omdat Femmy lid is van de Skrieverskring Noordwest-Overijssel en de dialectgroep in Giethoorn komen er heel wat verhaelen en gedichten op papier. Op uitnodiging geeft Femmy wel eens voordrachten en vertelt ze uit eigen werk. Ze treedt ook op als intermezzo tussen zang en dans met de Zanggroep Samen Een en-of de Gieterse Daansers. Riek van der Wulp-Heutink
Riek van der Wulp-Heutink is geboren in Genemuiden en schrijft sinds 1978 verhalen en gedichten in het Gællemunigers. Sinds 1979 is ze lid van de Gællemuniger Taelkrink. Vanaf die tijd begint ze te publiceren, onder andere in het plaatselijke blad De Stadskoerier en het tijdschrift De Moespot en in Verdan, een Tiedskrift veur Oaveriesselse dialecten. Van dit blad is ze geruime tijd redactielid. In veel bundels zijn verhalen en gedichten van Riek gepubliceerd, onder andere in de literaire bundels die vanaf 1985 zijn uitgegeven door de IJsselacademie, en in diverse uitgaven van de Taelkrink en de Skrievers Bond Overiessel. Deelname aan de literaire wedstrijden van de IJsselacademie en de Dialectkringe Salland en Oost-Veluwe leverden vele prijzen op. Bij de Academie is ze al geruime tijd actief als medewerker aan het Werkverband Dialecten. Zelfstandige publicaties van haar hand zijn Slinger van pepiern puppies uit 1991 en Meinsn uit 1997. Daarnaast beschrijft ze in haar omvangrijke boek Om het spel en de knikkers de kinderspelen uit haar jeugd. Deze spel- en speelmonografie omvat maar liefst bijna vijfhonderd kinderspelen, zoals ze vlak na de oorlog werden gespeeld, en plaatst deze in hun sociale en culturele context. De publicatie blijkt een vraagbaak voor velen die met jeugdigen omgaan. Al vanaf de oprichting is ze lid van de Skrieversbond Overiessel en ze werkt enige jaren mee aan het RTV-programma Accent met een column en ook bij het bekende programma van RTV-Oost Kieken wa-j zegt is ze jarenlang betrokken. |
Tekst van de Maond
Onweer |