ijsselacademie
  • Onderzoeksinstituut
  • Kenniscentrum
  • Uitgeverij

Werkgebied

Werkgebied IJsselacademie
Land van Vollenhove
Salland
Werkgebied in Overijssel

Word Donateur

Voor minimaal € 20,- per jaar krijgt u 20% korting op onze uitgaven en ontvangt u jaarlijks zes keer het tijdschrift MijnStadMijnDorp. Historisch Tijdschrift Overijssel.

Vul hier het formulier in!

Vrijwilliger worden?

Wilt u vrijwilliger worden bij de IJsselacademie? Klik hier voor meer informatie.

Contact

U kunt ons door middel van het reactieformulier een bericht sturen. Rechtstreeks mailen met Medewerkers kan natuurlijk ook.

Stichting IJsselacademie

Molenstraat 28a 8261 JW Kampen Postadres Postbus 244 8260 AE Kampen t 038 331 52 35 f 038 333 42 04 e info@ijsselacademie.nl i www.ijsselacademie.nl

Andere spellingskwesties I

1. Samentrekkingen met achtergeplaatst persoonlijk voornaamwoord

De persoonlijke voornaamwoorden ik 'ik', ie / i'j / iej 'jij, u'en wi'j / wie 'wij' kunnen in de zin na het werkwoord staan: kan ik, loop ie, meugen wi'j. Soms wordt zo'n onbeklemtoond persoonlijk voornaamwoord aan het voorafgaande woord 'vastgeplakt'. Dat komt vooral voor bij veel gebruikte werkwoorden als gaon, staon, doen, kunnen, mutten, willen, hebben, wezen en bij veel gebruikte voegwoorden (of, hoe, as) en betrekkelijke voornaamwoorden (dat, die): gaok 'ga ik', staoj 'sta je', doew 'doen we', kank 'kan ik', muj 'moet je', wij 'wil je', ew 'hebben we', bik 'ben ik', aw 'als we', daw 'dat we', oj 'of je' etc.
Wanneer je zo'n samentrekking wilt schrijven, kun je dat doen zoals in deze voorbeelden: je zegt gaok, dus je schrijft gaok. Eenvoudig te schrijven, maar niet eenvoudig te lezen: bij wij lees je in eerste instantie niet 'wil ie', maar 'wij' (= 'we'), bij bik zul je in eerste instantie denken aan de stam van het werkwoord bikken.
Voor het weergeven van bedoelde samentrekkingen kiezen we daarom voor een verbindingsstreepje. Maar je kunt natuurlijk ook de woorden voluit schrijven, dus: heb ik, zol iej in plaats van he-k, zo-j.
Enkele zinnen met samentrekkingen:

Ik geleuve da-k ow kenne 'dat ik'
Ik wete niet o-k ow kenne 'of ik'
E-j dat echt niet edaon? 'heb je'
Dat mu-j echt niet doen 'moet je'
A-j dat doen wilt 'als je'
Dat mu-w niet vergeten 'moeten we'
Dat he-w niet edaon 'hebben we'

Het achtergeplaatste persoonlijk voornaamwoord 'hij' (hi'j, ie, e) kan bij het spreken ook aan het voorafgaande woord 'vastgeplakt' worden (en dan worden uitgesproken als ie of e), maar daarbij verdwijnen er geen medeklinkers of klinkers. Omwille van het woordbeeld is het dan niet nodig een verbindingsstreepje te plaatsen, en dus kan ie of e gewoon los van het voorgaande woord geschreven worden:

niet: offe, of-e, maar: of e 'of hij'
niet: datte, dat-e, maar: dat e 'dat hij'
niet: heffie, hef-ie, maar: hef ie 'heeft hij'.

2. Lidwoorden

In veel dialecten van onze regio komen dezelfde lidwoorden voor als in het Nederlands: de, het en een, evenals in het Nederlands uitgesproken als: de, ut en un. Daarom kunnen ook in de streektaal de lidwoorden het best zoals in het Nederlands geschreven worden:

  • de
  • hetbehalve wanneer de h in een dialect niet voorkomt: dan schrijft men et (en niet: ut), vanwege de herkenbaarheid van het woord
  • een

De afgekorte vorm kan ook gebruikt worden:

  • d'alleen voor klinkers, maar niet aan het volgende woord vastschrijven: d' aandere dag 'de volgende dag'
  • 'thee hef 't huus verkoch 'hij heeft het huis verkocht'
  • 'nhee hef 'n mooi huus 'hij heeft een mooi huis'

In een aantal Sallandse dialecten komen mannelijke, vrouwelijke en onzijdige bepaalde lidwoorden voor, bijv. in het dialect van Ommen. Deze worden als volgt geschreven. mannelijk: ’n (ontstond uit den): ’n krieg ‘de oorlog’, ’n elen aovend ‘de hele avond’; vrouwelijk: de/d’: de deure ‘de deur’, d’ ele wekke ‘de hele week’; onzijdig: (h)et/’t: ’t peerd ‘het paard’, et riepe koren ‘het rijpe koren’.

3. Woorden op -erd , -end, -eld

Woorden als dikkerd, lieverd en kokkerd, die zowel in het Nederlands als in de verschillende streektalen voorkomen, worden als in het Nederlands met een -d op het woordeinde geschreven. Naar het voorbeeld van deze woorden spellen we ook andere, niet precies zo in het Nederlands voorkomende woorden op -erd zo, bijv. doezerd 'sufferd', graoperd 'inhalig persoon', drieterd 'bangerik', gloeperd 'stiekemerd', kwakerd 'kletskous', kikkerd 'kikker', drukkerd 'duw', kiekerd 'kijker'.
Hetzelfde geldt voor woorden op -end: in het Nederlands en in de streektalen komen woorden voor als gloeiend (of: gleuiend / gluuiend), dringend, ondeugend, verbazend, razend (in streektaal: raozend) die we met een -d op het woordeinde schrijven.
Naar dit voorbeeld schrijven we ook andere streektaalwoorden op -end met een -d op het eind, bijv. allebästend 'heel erg', gloepend 'heel erg', nakend 'naakt', lessend 'onlangs'.
Daarnaast komen woorden voor als dubbeld 'dubbel', enkeld 'soms; enkel', alleend 'alleen', die voor het gemak ook met een -d worden geschreven.

4. De achtervoegsels -ige, -iger, -ig, -lijk

  • -ige(uitgesproken als uggu, geschreven als ige) correspondeert met het Nederlandse achtervoegsel -ing. Vooral bij oudere streektaalsprekers wordt het achtervoegsel -ige nog gehoord, bijv. in vergarige 'vergadering', bedienige 'kerkelijk avondmaal', belastige 'belasting', verienige 'vereniging'. Veel jongeren gebruiken thans -ing in plaats van -ige.
  • -iger(uitgesproken als: uggur, geschreven als iger) wordt gebruikt voor afleidingen van sommige plaatsnamen: Blokzieliger vissers, de Blokzieligers (uit Blokzijl), IJ ef een Gällemuniger (Genemuider) vrouwe, de Gällemunigers, 't Is een Iesselmuniger (IJsselmuidenaar), 't Is een Sluziger (Zwartsluizenaar).
  • -(er)ig(uitgesproken als: (urr)ug, geschreven als (er)ig) komt ook in het Nederlands voor: aardig, nuttig, levendig, knapperig, winderig. In de streektaal: aorig 'aardig', vleizig 'vlezig', kolderig 'kouwelijk', pikkerig 'kleverig', podderig of poddig 'er slecht uitziend', pofferig 'dik, opgeblazen', doezelig 'duizelig'.
  • -lijk(uitgesproken als luk, geschreven als lijk) komt ook in het Nederlands voor: kinderlijk, vrouwelijk, fatsoenlijk. In de streektaal: begrotelijk 'jammer, aan het hart gaand', kwaolijk 'kwalijk', lillijk 'lelijk', andoenlijk 'aandoenlijk', riekelijk 'rijkelijk'.

5. Verkleinwoorden

Bij de spelling van de verkleinwoorden moet goed rekening worden gehouden met het principe dat een aa, ää, oo, öö en uu in open lettergreep, net als in het Nederlands, met een enkel teken wordt geschreven. Dus niet bootie(n) 'bootje', maar: botie(n), niet huusie(n) of uusie(n) maar: husie(n) of usie(n). Een ee in open lettergreep wordt in principe ook met een enkel teken geschreven, maar niet voor de verkleinwoorduitgang -gie(n) (zie hieronder).
De -n staat in de hier gegeven en nog te geven voorbeelden steeds tussen haakjes: waar men de -n uitspreekt (in de meer noordwestelijke dialecten van Overijssel) schrijft men die ook, waar men hem niet uitspreekt (meer zuidoostelijk) schrijft men hem ook niet!
In de meeste dialecten van onze regio komen de volgende verkleinwoorduitgangen voor:
-ie(n), -tie(n), -gie(n), -egie(n), -pie(n) en -kie(n).
Een aantal voorbeelden met elk van deze uitgangen (met daarachter, de uitleg van de schrijfwijze):

-ie(n) verkleinwoord
gezichte 'gezicht' gezichie(n) (de t valt weg bij aanhechting van -ie(n))
koeke 'koek' kukie(n) (uu in open lettergreep met enkel teken)
dak 'dak' dakkie(n) (korte a, dus verdubbeling van de k)
(h)and 'hand' (h)äntie(n) (d wordt stemloos, dus t; N.B. dit woord wordt niet gespeld als (h)ändtie(n), omdat de verkleinwoorduitgang niet -tie(n), maar -ie(n) is!)
böd 'bord' böttie(n) (d wordt stemloos, dus t, korte ö, dus medeklinkerverdubbeling)
spelde 'speld' speltie(n) (d wordt stemloos, dus t)
droeve 'druif' drufie(n) (v wordt stemloos, dus f, uu in open lettergreep met enkel teken)
-tie(n) verkleinwoord
been 'been' beentie(n)
maone 'maan' mööntie(n)
wiezer 'wijzer' wiezertie(n)
keuken 'keuken' keukentie(n)
-gie(n) verkleinwoord
ree 'ree' reegie(n) (ee in open lettergreep blijft hier ee, om verwarring met de 'stomme e' te voorkomen)
draod 'draad' drögie(n) (öö in open lettergreepmet enkel teken, de d valt weg bij aanhechting van -gie(n))
kouwe 'kooi' kouwgie(n)
wange 'wang' wänggie(n) (dubbele g omdat -gie(n) achter wang aangehecht wordt, en -gie(n) ook duidelijk als zodanig wordt gehoord)
-egie(n) verkleinwoord
lam 'lam' lämmegie(n)
rekkening 'rekening' rekkeningegie(n)
snorre 'snor' snörregie(n)
bède 'bed' bèdegie(n)
-pie(n) verkleinwoord
doeme 'duim' duumpie(n)
plume 'pluim' pluumpie(n)
bessem 'bezem' bessempie(n)
aovend 'avond' aovenpie(n) (in aovend hoor je aan het eind -mt, die je niet schrijft omdat de spelling zoveel mogelijk aansluit bij die van het Nederlandse woord avond; bij aanhechting van -pie(n) valt de -t weg)
Vergelijk ook:  
even 'even' evenpies 'eventjes' (even wordt uitgesproken als eem-m, met een -m aan het eind, die je vanwege het woordbeeld niet schrijft; na een -m volgt aanhechting van de verkleinwoorduitgang -pies)
-kie(n) verkleinwoord
keuning 'koning' keuninkie(n) (met nk, zoals in het Nederlands)
penning 'penning' penninkie(n)

In Deventer komt de verkleinwoorduitgang -ie(n) niet voor, maar -ken of -sken, naast -jen of -tjen. Na woorden die op -d of -t eindigen wordt altijd -jen aangehecht. Enkele voorbeelden:

hond 'hond' hundjen
voot 'voet' vootjen
piepe 'pijp' piepken
deuze 'doos' deusken
höör 'haar' höörken
jörk 'jurk' jörksken
zunne 'zon' zunneken

terug naar boven

Inhoud winkelwagentje
bekijken

Tekst van de Maond
Augustus 2010

Engelbertus

Agenda

Op de Agenda-pagina leest u belangrijke data in de nabije toekomst en de planning van de IJsselacademie op langere termijn.

Stel uw vraag

U kunt bij ons terecht met vragen over het immaterieel erfgoed in de regio. Vragen over de taal, de geschiedenis en de tradities in ons werkgebied.

Vul hier het formulier in!

Idee of Manuscript?

Hebt u een idee voor een uitgave? Bent u bezig met een interessant onderzoek dat een mooi boek zou kunnen opleveren? Zou het passen in het fonds van de IJsselacademie? Klik hier.

Zoekt u een goed doel?

De IJsselacademie is heel blij met haar 780 donateurs, die een belangrijk draagvlak vormen voor haar werk. Extra steun is echter meer dan welkom!