Het Nedersaksisch van Overijssel kent vele varianten. Van Vollenhove tot De Lutte heeft elk dorp en elke stad zijn eigen taal. De IJsselacademie bestudeert deze varianten en legt ze voor het nageslacht vast in grammatica’s, het Woordenboek van Overijssel en via de website De Taal van Overijssel. De geografische verscheidenheid is het resultaat van een historische taalontwikkeling die ook gerelateerd kan worden aan de ontwikkeling van de dorpen en steden van onze provincie. Taal en geschiedenis zijn dus nauw met elkaar verbonden.

De IJsselacademie wil de streektaal niet alleen bestuderen en vastleggen, maar ook het actieve gebruik ervan in stand houden. Het Nedersaksisch is een belangrijk element in de identiteit van veel mensen in de provincie. Onderzoek wijst uit dat de mensen de streektaal niet willen missen, al staat het gebruik ervan de laatste tijd wel onder druk. Daarom organiseert de IJsselacademie educatieve projecten en publieksactiviteiten waarbij mensen worden gestimuleerd zich creatief in de streektaal te uiten.

Zunnewendefestival

Eind juni vind jaarlijks het Zunnewendefestival plaats op Landgoed Schuilenburg, in het buitengebied van Hellendoorn. Op deze unieke locatie aan de Regge kan de bezoeker, jong en oud, genieten van prachtige muziek, ontroerende verhalen, indringende poëzie en theater in diversen varianten van de streektaal uit de regio en daarbuiten. De organisatie ontvangt professionele ondersteuning van de streektaalconsulent van de IJsselacademie.

De Taal van Overijssel

Binnen het project De Taal van Overijssel (DTVO) is een website ontwikkeld die een rijk en betrouwbaar medium is voor het vergaren van kennis van en over de verschillende Nedersaksische taalvarianten in Overijssel. De site bevat onder meer een kennisbank, allerlei geluidsfragmenten van streektaal in Overijssel, aanwijzingen voor de spelling van de streektaal, en nieuws over recent streektaalonderzoek.

Woordenboek van de Overijsselse Dialecten

Waar is een week een wek, waar een wekke, een wèke, een weke? En waar is een wèke of weke een woerd? In het project Woordenboek van de Overijsselse Dialecten (WOD) is dit soort taalvariatie opgetekend en op te zoeken. De gegevens zijn vanaf 1998 verzameld door middel van een provinciebrede schriftelijke enquête onder meer dan zestig informantengroepen.

Mobiele Taalkamer

In museum TwentseWelle is er een Taalkamer met allerlei audio- én audiovisueel materiaal op het gebied van de Twentse en Nedersaksische streektaal. Het is de enige Taalkamer in Nederland. IJsselacademie, Historisch Centrum Overijssel en museum TwentseWelle werken aan de realisatie van een mobiele versie van deze Taalkamer, zodat het Overijsselse publiek kennis kan nemen van de vele varianten van het Nedersaksisch binnen de provincie.

Streektaal in de zorg

”Als je plat kunt praten, moet je het niet laten” is de titel van een onderzoek naar de mogelijke meerwaarde van het gebruik van de streektaal in de zorg. De conclusie is dat er sprake is van een duidelijke meerwaarde van het gebruik van streektaal in het contact tussen zorgverleners en zorgvragers. Met het project ‘Streektaal in de zorg’ wil de IJsselacademie i.s.m. het Deltion College de zorgverleners die wel streektaal spreken stimuleren om dat ook te doen in hun werksituatie. Diegenen die dat niet kunnen, willen we in contact brengen met de diversiteit en de achtergronden van de streektaal, waarbij we ook de verschillen tussen de dorpscultuur en de stadscultuur behandelen.